Kiespijn

Geen paniek, de Bewaarschool van ZonderMeer is heus niet van haar gebruikelijke pad geraakt om zich te gaan toeleggen op tandheelkundige zaken zoals het stoppen van kruidnagels, gember of duivelsdrek in pijnlijk zeurende holle kiezen. Ook gaat het niet over het uitbrengen van blanco of proteststemmen tijdens de afgelopen Provinciale Statenverkiezingen.
Wat dan wel?
De Bewaarschool merkt in de praktijk dat opruimen en wegdoen  van spullen onmogelijk is zonder te kiezen. Waar wil je je in je leven (nog) mee gaan bezighouden en welke spullen horen daarbij?  Hoe kun je de rest dan loslaten? Kun je kiezen zonder te kniezen?

Hoe meer we te kiezen hebben, hoe beter het voor ons is, aangezien het kunnen kiezen uit allerlei mogelijkheden ons een gevoel van vrijheid geeft.
Vrijheid is een belangrijke waarde, in ieder geval in onze westerse wereld. Wie de vrijheid heeft om te kiezen, ervaart tegelijkertijd de verantwoordelijkheid om het beste alternatief te kiezen.

Quahl der Wahl

Het hebben van veel mogelijkheden om uit te kiezen leidt echter niet per se tot meer welbevinden en geluk. In zijn boek ‘De Paradox van Keuzes’ legt auteur Barry Schwartz  – Amerikaans psycholoog en professor aan het Swarthmore College in Pennsylvania –  uit hoe dat werkt bij ons mensen.
We kunnen last krijgen van keuzestress. Dat is een vorm van stress die veroorzaakt wordt doordat iemand overspoeld wordt met informatie die bestudeerd moet worden om een ‘goede’ keuze te kunnen maken. Het probleem is dan dat er te veel of te ingewikkelde keuzes zijn. Het hebben van meer mogelijkheden waar je uit moet kiezen brengt ook meer twijfels met zich mee en daardoor wordt het kiezen meer een last dan dat het je een vrijheidsgevoel geeft.
In Duitsland hebben ze er een mooi woord voor: Qual der Wahl.

Verlamming en ontevredenheid

Als we uit teveel opties moeten kiezen kan dat leiden tot het alsmaar uitstellen van de keuze, en uiteindelijk zelfs tot helemaal niet kiezen. Het verlamt ons, we vinden het te moeilijk, het kost ons teveel tijd en moeite om al die opties te onderzoeken. En als we dan uiteindelijk toch een keuze hebben gemaakt – omdat het toch echt moest – zijn we minder tevreden met onze keuze. Want we zien nog steeds al die mogelijkheden die we juist niet hebben gekozen; we blijven denken: ‘Wat als ik toch … had gekozen?’. We twijfelen aan de juistheid van onze keuze, we kunnen gemakkelijk spijt krijgen van onze beslissing.

Maximizers en satisficers

Mensen die pas een keuze kunnen maken als ze alle opties hebben bekeken, worden door Schwartz maximizers genoemd. Ze gaan voor het allerbeste, ze zoeken alles tot op de bodem uit en willen uiteindelijk de perfecte keuze maken. Ook als dat betekent dat ze alle kledingwinkels af moeten struinen voor die ene jas of 24 opticiens voor een bril.
Een andere groep noemt hij satisficers: mensen die stoppen met zoeken zodra ze datgene vinden wat hen goed genoeg lijkt.
Maximizers zijn meestal veel tijd en energie kwijt met zoeken en als ze al een keuze kunnen maken (verlamming ligt op de loer) zijn ze vaker minder tevreden met hun keuze. Want ze kunnen nooit echt alle opties bekeken hebben, dat is onmogelijk. Het blijft dus knagen.
Satisficers voelen zich vaker tevreden met hun keuze, ze hebben ook minder tijd en moeite eraan besteed om tot een keuze te komen.
Vaak zijn mensen op specifieke onderwerpen een maximizer en op andere onderwerpen meer een satisficer.

Spullen kiezen

Herken jij jezelf als een maximizer of als een satisficer? Heb je graag veel kasten (inloopkast) vol kleren om ’s ochtends uit te kiezen? Of een grote verzameling gereedschappen die handig kunnen zijn bij het klussen?  Als je alles goed geordend hebt zal het kiezen van het juiste kledingstuk nog wel lukken. Toch kun je de ervaring hebben dat je ‘niets hebt om aan te trekken’. Hoe meer je hebt, hoe moeilijker en tijdrovender het is om te kiezen. Daardoor kies je toch vaker hetzelfde, een deel van je kleding blijft ongebruikt in de kast. Mocht het in je kast ook nog eens een chaos zijn, dan wordt het nog lastiger om te kiezen.
Schwartz: ‘De meesten van ons denken dat hoe meer spullen we hebben, hoe tevredener we zijn. Maar dat is niet zo. Door te veel keuze voelen we ons niet goed. We krijgen spijt of zijn bang dat we spijt krijgen; we hebben te hoge verwachtingen van spullen; we geven bovendien onszelf de schuld als we geen goede keuze lijken te hebben gemaakt’.

Als je aan de slag wil met het minderen van spullen, dan helpt het om van tevoren een aantal beslisregels op te schrijven. Bijvoorbeeld: ‘alle studieboeken die ouder zijn dan 10 jaar mogen weg’ of ‘kleren die me niet meer passen mogen weg’. Daarmee hoef je niet meer bij alles na te denken of het wel of niet weg mag. Het maakt het makkelijker om te kiezen, het kost je minder energie.

Wat verder te doen tegen kiespijn?

  •  Maak voor een aantal zaken vuistregels (beslisregels) voor jezelf en houd je daaraan. Daarmee maak je je leven eenvoudiger. Bijvoorbeeld: ‘ik drink niet meer dan twee glazen wijn als ik uit eten ga’ of ‘ik ga niet meer dan drie winkels in als ik kleren moet kopen’. Wanneer je het aantal opties waaruit je kunt kiezen beperkt tot een redelijk aantal wordt het maken van een keuze minder complex en tijdrovend.
  • Denk na over wat je belangrijk vindt in je leven en ga daar je energie op richten en die keuzemogelijkheden grondig onderzoeken. Door basiskeuzes te maken hoef je niet voortdurend lastige ad hoc beslissingen te nemen (brandjes blussen).
  • Leer om tevreden te zijn met ‘goed genoeg’. In plaats van te zoeken naar de best mogelijke optie kun je ook gaan voor de optie die voldoende scoort op jouw keuzecriteria. Dat vergt namelijk minder inspanning en voorkomt frustratie, want de lat ligt minder hoog. Kun je meer zijn als een satisficer in plaats van een maximizer?
  • Zorg dat beslissingen vaker onomkeerbaar zijn. Je gaat dan meer energie stoppen in het accepteren en zo nodig verbeteren van wat je gekozen hebt. Je doet meer moeite om er het beste van te maken.
  • Wees je ervan bewust dat mensen zich aan vrijwel alle terugkerende dingen in het leven aanpassen, zowel aan positieve als aan negatieve.  Deze aanpassing is niet te voorkomen. Het beginplezier van de superluxe breedbeeld tv verdwijnt na een tijdje. Aan de andere kant wen je ook aan voor sommigen minder ideale omstandigheden, zoals bijvoorbeeld een kleinere auto: het wordt gewoon.

Barry Schwartz vertelt in onderstaande video onder andere over het kopen van een nieuwe spijkerbroek.

Lees hier een recent artikel in NRC over keuzestress

Meld je hier aan voor de maandelijkse lessen van de Bewaarschool.