Aan de slag: intuïtie of verstand?

 

Zegt GTD je misschien iets? Of Tijdsurfen?
Het ene heeft niets met een televisiesoap te maken, en het andere betekent niet eindeloos rondzwerven op internet of in de branding.
Het gaat allebei om productiviteit. Zorgen dat je op een efficiënte manier gedaan krijgt wat je belangrijk vindt.
Ze hebben echter verschillende uitgangspunten: GTD spreekt vooral de ratio aan en Tijdsurfen gaat meer uit van je intuïtie. Wat spreekt jou het meeste aan?
Hieronder verken ik beide methodes en dat kan je helpen een keuze te maken.

GTD staat voor Getting Things Done, een methode die door de Amerikaan David Allen is ontwikkeld, hij is een van de invloedrijkste denkers over productiviteit. Achterop zijn boek staat: ‘GTD is de ultieme methode om productiever te zijn. Het stelt je in staat om snel informatie te filteren en wat relevant is onder te brengen in een extern 100% betrouwbaar systeem. Dit zorgt ervoor dat alle op dit moment niet-relevante informatie uit je zicht verdwijnt en op het juiste moment weer op je radar komt. Hierdoor heb je overzicht om met de juiste dingen bezig te zijn en de rust om hier echt je volledige aandacht aan te geven’.

Tijdsurfen is ontwikkeld door de Nederlander Paul Loomans, hij begeleidt mensen individueel en in groepen om rust te hervinden. Hij gebruikt daarbij een methode die gebaseerd is op zen-inzichten. Op de achterkant staat: ‘de methode Tijdsurfen bestaat uit zeven aanwijzingen die natuurlijk aanvoelen. Ze maken het mogelijk te surfen over de golven van de Tijd. Je leert hoe je op je gevoel kunt vertrouwen bij de keuze van wat je gaat doen. Je doet daardoor de dingen niet alleen geïnspireerd, maar ook heel effectief. Je gaat een ongedwongen aandacht ervaren bij alles wat je doet. Maar bovenal ontstaat er een innerlijke rust die je telkens opnieuw laat voelen: ik heb de tijd’.

Getting Things Done

David Allen beschrijft in zijn boek een procedure van vijf stappen. Allereerst het verzamelen en opschrijven van alle dingen die je nog moet doen of waarover je nog na moet denken. Vervolgens het beslissen wat elk item betekent en wat ermee gedaan moet worden (wel/geen directe actie nodig, delegeren, er een project van maken?). Ten derde moeten de uitkomsten georganiseerd worden (hoe voer je een grotere of kleinere actie uit? welke stappen zijn ervoor nodig?) en ten vierde het reflecteren over de daaruit voortvloeiende opties waarbij wekelijks alle lopende projecten en taken bekeken moet worden. Ten slotte het bepalen wat we doen en op welk moment dat het beste kan gebeuren.

 Tijdsurfen

Paul Loomans gebruikt zeven aanwijzingen in zijn methodiek. De eerste is: doe één ding tegelijk en maak het af voordat je overstapt op iets anders. Vervolgens: sta stil bij wat je doet en aanvaard de handeling (schep van tevoren een relatie met alles wat je wilt gaan doen door in gedachten jezelf te zien terwijl je de taak uitvoert). Schep witjes (mini-pauzes) tussen je activiteiten, dat wil zeggen: ga niet door totdat je niet meer kunt maar las natuurlijke korte pauzes in. De vierde: geef volle aandacht aan ‘aankloppers’: neem ongeplande dingen die tussendoor komen serieus. Maak jezelf bewust van zaken die je voor je uitschuift (knagende ratten) en onderzoek ze. Daarmee transformeer je ze in witte schapen (die volgzaam achter je aanlopen en je niet meer uit je slaap houden). Observeer malende gedachtes die je veel energie kosten (achtergrondprogramma’s) en breng die tot rust. Ten slotte: kies intuïtief wat je gaat doen, leer erop vertrouwen.

Wat zijn de overeenkomsten van GTD en Tijdsurfen?

Zowel Loomans als Allen streven naar zo weinig mogelijk stress bij het uitvoeren van taken, rust is het uitgangspunt. Ook willen beide een hoge mate van effectiviteit bereiken en concluderen ze dat multitasken onwenselijk en eigenlijk onmogelijk is. Het gebruik van een agenda wordt door beiden aanbevolen om afspraken in te noteren. Belangrijk is ook om er regelmatig in te kijken.

Wat zijn de verschillen?

Tijdsurfen gaat uit van intuïtie en gevoel, je intuïtie is de bestuurder, vertrouwen de brandstof.  Er is geen speciale discipline nodig. Doordat je je intuïtief verbindt met de taak  – en hem vervolgens loslaat – komt die op het juiste moment weer in je op en ga je hem uitvoeren. GTD daarentegen werkt op wilskracht en ratio, de bestuurder is je verstand en controle is de brandstof. Het vergt discipline om wekelijks de lijsten met taken en projecten te bekijken en te kiezen welke je gaat doen. Bij Tijdsurfen gaat het erom dat je plezier en voldoening hebt in je taak, terwijl GTD meer gefixeerd is op het resultaat.
Bij GTD gebruik je to-do-lijstjes als leidraad en heb je ze steeds bij de hand, terwijl je ze bij Tijdsurfen eigenlijk niet nodig hebt, hoogstens als controle achteraf om te checken of je niks vergeten bent. Het eventuele lijstje moet vooral uit het zicht bewaard worden om te voorkomen dat je gestrest raakt als je steeds voor je ziet wat je allemaal nog moet doen.
Ten slotte wordt bij Tijdsurfen het nemen van een mini-pauze (een witje) aangemoedigd. Een witje heeft drie positieve effecten. De eerste is dat je de taak die je net gedaan hebt onbewust evalueert. De tweede is dat je tot rust kunt komen tijdens een witje. De derde is dat je vanzelf mogelijke acties te binnen schieten voor na het witje. Een witje mag geen geestelijke inspanning kosten.

Illustratie uit ‘Ik heb de tijd’, door Niels de Hoog

 

Wil je je meer verdiepen in beide methodieken, kijk dan eens op de onderstaande websites:
gettingthingsdone.com
tijdsurfen.nl

En natuurlijk kun je ook de boeken lezen:

Ik heb de tijd – Een handleiding in Tijdsurfen. Paul Loomans, zenmonnik
Getting Things Done – De kunst van stressvrije productiviteit. David Allen

Marian Habets, november 2017